Kennelhoest.
Kennelhoest
is een verzamelnaam voor allerlei mogelijke infecties van de voorste
luchtwegen; van de keel, het strottenhoofd en de luchtpijp. Een dergelijke
infectie is te vergelijken met een combinatie van “verkoudheid” en “griep” bij
de mens: er is sprake van een infectie en daardoor ontsteking van het
slijmvlies van één of meerdere voorste luchtwegen. Een dergelijke infectie is
nogal besmettelijk en slaat vooral gemakkelijk aan als het slijmvlies in de
keel al wat “rauw” is door veel blaffen. U kunt zich dan ook voorstellen dat de
besmetting snel om zich heen grijpt op plaatsen waar veel honden samen zijn,
zoals in een kennel, pension of hondenshow. Vandaar de naam “kennelhoest”.
Gezien de aard van de aandoening zult u begrijpen dat een bezoek aan een kennel
zeker geen vereiste is om kennelhoest op te lopen. Als uw hond echter in een
kennel verblijft en één van de andere honden blijkt kennelhoest te hebben, is
de kans echter wel zeer groot dat vrijwel alle honden in de kennel, dus ook die
van u, besmet worden.
Wat zijn
de verwekkers en de symptomen van kennelhoest?
• In
vrijwel alle gevallen begint de infectie doordat er een virus aanslaat en zich
kan vermenigvuldigen op het slijmvlies. Er zijn verschillende virussen die dat
kunnen. Zo’n virus beschadigt het slijmvlies waardoor de hond snel zal hoesten
door de geringste prikkeling van het slijmvlies; alleen al door een versnelde
luchtstroom bij inspanning. Dat hoesten kan vrij dramatisch klinken: als een
oude man met een stevige rokers rochel. Soms gaat de infectie gepaard met
koorts. Meestal blijft de hond levendig en wordt de eetlust niet benadeeld.
• In
sommige gevallen vormt het door virus beschadigde slijmvlies echter een goede
voedingsbodem voor een gemene bacterie. Indien die bacterie (Bordetella
bronchiseptica) zich welig kan voortplanten zal de hond behoorlijk koortsig en
ziek worden; zeer lusteloos zijn en nauwelijks eetlust vertonen. Deze infectie
is ook overdraagbaar op katten en mensen en is een zoönose.
Hoe kan
een hond met kennelhoest behandeld worden?
• Het
is altijd verstandig om een hoestende hond door de dierenarts te laten
onderzoeken; alleen al om uit te maken of er een luchtwegprobleem of een
hartprobleem aan het hoesten ten grondslag ligt.
• De
dierenarts zal meestal medicijnen voorschrijven die de enorme prikkelhoest
onderdrukken: door het hoesten houdt de hond namelijk het slijmvlies “rauw” en
vergemakkelijkt daardoor het aanhouden van de infectie. U kunt de hond honing
geven, dit verzacht de keel.
• Indien
nodig zal de dierenarts een antibioticumkuur voorschrijven. Een antibioticum
doet niets tegen een virusinfectie maar bestrijdt de eventuele complicerende
bacteriële infectie.
• Om
de keel zo min mogelijk te prikkelen is het verstandig om een tijdje
uitsluitend zacht voer te geven. Dit kan bestaan uit geweekte brokken of blik
voer.
• Door
de hond rustig te houden worden de slijmvliezen ook zo min mogelijk geprikkeld.
Is er een
inenting tegen kennelhoest?
Er zijn
verschillende soorten inentingen tegen kennelhoest mogelijk. Gezien het feit
dat kennelhoest de laatste tijd heel veel voorkomt, is het zeker raadzaam om uw
hond tegen kennelhoest te laten inenten. De volgende vaccinaties zijn mogelijk:
1. Een
inenting waarbij de entstof wordt aangebracht in de neus van de hond. Voordelen
van deze inenting zijn:
• De
entstof wordt aangebracht op de plaats waar ook de infectie het lichaam
binnenkomt. De lokale afweer van de slijmvliezen van de voorste luchtwegen
wordt door deze inenting dan ook het meest efficiënt gestimuleerd.
• De
afweer tegen de infectie ontstaat zeer snel: vanaf 48 uur na inenting kunt u uw
hond als “beschermd” beschouwen. Deze inenting is dan ook met name aan te raden
kort voor een bezoek aan een kennel, pension of hondenshow.
2. Een
inenting waarbij de entstof onder de huid geïnjecteerd wordt: net als de
jaarlijkse cocktail vaccinatie. Deze inenting moet na 3 weken herhaald worden
om een heel jaar te beschermen tegen kennelhoest. 10 dagen na de tweede
inenting kunt u de hond als “beschermd” beschouwen.
Vervolgens
kunt u deze inentingen 1x per jaar l herhalen om de bescherming op peil te
houden.
Overigens
biedt helaas geen enkele inenting tegen kennelhoest 100% bescherming. Indien
een ingeënte hond tòch kennelhoest krijgt, is het verloop echter veel milder en
ongecompliceerder dan bij een niet-ingeënte hond.
De
anaalklieren.
Anaalklieren
zijn twee 'zakjes' aan weerszijden van de anus bij hond en kat. In die zakjes
wordt een pasteuze tot vloeibare substantie gemaakt die vreselijk doordringend
(vies) ruikt. De anaalklieren worden normaal gesproken geleegd na de ontlasting
van het dier, om een duidelijk kenteken achter te laten. Deze 'geurvlag' dient
voor de hond voor de herkenbaarheid binnen de roedel en het waarschuwen van
dieren van buiten de roedel. Voor de kat helpt de geurvlag bij het afzetten van
het territorium. Op zich spelen de anaalklieren dus een nuttige rol in het
sociale leven van onze huisdieren.
Anaalklierproblemen
Helaas
functioneren de anaalklieren soms nogal problematisch. Indien het legen van de
anaalklieren aan het eind van de ontlasting niet goed verloopt, kunnen de
anaalklieren 'overvuld' raken. De inhoud van de overvulde anaalklieren is
gevoelig voor het aanslaan van infecties, waarna er een anaalklierontsteking
kan ontstaan. Een ernstige ontsteking van de anaalklieren kan tot een fistelend
anaalklierabces leiden: naast de anus zien we dan één of meerdere gaten waar
ontstekingsvloeistof of pus uitkomt.
Symptomen
van anaalklierproblemen
Door de
eigenaar worden dit soort problemen meestal snel opgemerkt, aangezien een dier
er veel last van heeft. Het meest opvallende symptoom is het veelvuldig likken
en bijten naast of op de staartbasis ten gevolge van de jeuk en irritatie die
overvulde en/ of ontstoken anaalklieren veroorzaken. Daarnaast verspreiden
problematische anaalklieren vaak een typische penetrante stank.
Onderzoek
en therapie bij anaalklierproblemen
Indien
een dier bovengenoemde symptomen heeft onderzoekt de dierenarts natuurlijk de
conditie van de anaalklieren en hun inhoud. Maar ook wordt gecontroleerd of er
geen sprake is van een vlooienprobleem of vlooienallergie, aangezien daar
dezelfde symptomen bij gezien kunnen worden. In ieder geval worden de
anaalklieren door de dierenarts geleegd. Afhankelijk van de bevindingen wordt
dit na een week nog een keer herhaald of worden de anaalklieren (indien nodig
onder sedatie) met een anti-bacterieel middel gespoeld. Ook dit spoelen kan
enkele keren herhaald worden, totdat de anaalklieren weer een volledig normale
omvang en inhoud hebben. Bij ernstige ontstekingen of abcessen worden bovendien
antibioticum tabletten voorgeschreven.
Indien
ondanks deze grondige aanpak de problemen steeds snel terugkomen, valt het te
overwegen om de anaalklieren chirurgisch, dus operatief, te laten verwijderen.
Aangezien deze operatie vlak naast de anus plaatsvindt, is er een kleine kans
(kleiner dan 5%) dat het dier door de operatie onzindelijk wordt voor
ontlasting. Daarom kiezen we nooit direct voor deze oplossing. De kosten van
een dergelijke operatie liggen rond de € 412. Dit is inclusief de kosten voor
een screenend bloedonderzoek. Indien uw dier 5 jaar of ouder is wordt een
dergelijk bloedonderzoek verricht, voorafgaand aan een narcose.
Er is
tegenwoordig ook een speciaal diervoerder van Royal Canin verkrijgbaar, het
“Fiber” dieet. Dit is speciaal voor dieren waarbij anaalklierproblemen
veelvuldig voorkomen.
Maagdilatatie
en / of -torsie syndroom.
Wat is
een maagdilatatie of –torsie?
De maag
is een zakvormig orgaan, met een ingang (de slokdarm) en een uitgang (de
twaalf-vingerige darm of dunne darm). De maag hangt eigenlijk vrij in de
buikholte en ligt op de buikbodem direct achter het middenrif. Als er
plotseling veel gas geproduceerd wordt in de maag, en wel sneller dan dat dat
gas kan worden uitgeboerd en/ of naar de dunne darm getransporteerd, gaat de
maag uitzetten. Als dit uitzetten (dilatatie) erg snel en heftig verloopt,
heeft de maag de neiging om als een soort ballon “op te stijgen” door al dat
gas. De in- en uitgang van de maag blijven dan echter wel op hun plaats, met
als gevolg dat de maag een draaiing maakt om zijn as (torsie). Alleen al door
een dilatatie worden de in- en uitgang van de maag min of meer dichtgedrukt,
maar bij een torsie is dat zeker het geval. Het gevolg is dat er niets meer uit
de maag kan, terwijl de gasvorming gewoon door kan gaan. De maag, normaal een
slappe zak, is dan een enorm hard opgepompte basket bal geworden.
Wat zijn
de mogelijke gevolgen van een maagdilatatie of –torsie?
Door de
enorme wandspanning kan er geen bloed stromen door de bloedvaatjes in de
maagwand, waardoor deze zal afsterven als de situatie lang genoeg aanhoudt.
Bovendien drukt de maag via het middenrif sterk op het hart, waardoor ook de
bloedvoorziening van de hartspier in de problemen komt en er “hartinfarcten”
kunnen optreden. Bij een torsie (draaiing) van de maag draait de milt vaak mee,
waardoor de vaten van en naar de milt afgeknepen kunnen worden en door
bloedstolsels voorgoed ondoorgankelijk zullen worden. De milt zal dan afsterven.
Al deze mogelijke gevolgen zijn zeer levensbedreigend voor de hond: alleen als
een dierenarts zeer tijdig kan ingrijpen zal het dier deze aandoening kunnen
overleven.
Welke
dieren krijgen een maagdilatatie of -torsie?
Met name
grotere hondenrassen, zoals de Duitse dog, Berner Sennen of Duitse herder, zijn
gevoelig voor een maagdilatatie of –torsie. Risico vormt het eten van een
behoorlijke hoeveelheid voedsel dat na de maaltijd kan gaan zwellen door opname
van water, zoals alle droge hondenbrokken. Gasvorming zal dan met name ontstaan
door beweging, bijvoorbeeld uitlaten of spelen na de maaltijd. Indien een hond
eenmaal een maagdilatatie gehad heeft, is de kans groot dat dit nog een keer
kan gebeuren. Preventie wordt dan een uiterste noodzaak.
Wat kan ik
doen ter preventie van een maagdilatatie of -torsie?
Geef de
hoeveelheid voer die de hond per dag nodig heeft verdeeld over de dag in 4
porties. Geef het liefst nat, licht verteerbaar voer, dus blikvoer of geweekte
brokken. Laat het dier niet teveel water tegelijk drinken, maar vaker over de
dag verspreid kleine hoeveelheden. Laat de hond altijd uit vóór het eten en
laat hem/ haar na het eten met rust!
Hoe
herkennen we een maagdilatatie of -torsie?
De hond
krijgt problemen kort na de maaltijd. Het dier lijkt benauwd en pijnlijk; wil
steeds staan of lopen met de kop gestrekt naar voren of beneden en lijkt te
moeten braken zonder dat er “iets komt”. Na enkele ogenblikken valt vaak
duidelijk op dat de buik, met name links vlak achter de ribboog “opzwelt” en
hard wordt.
Wat is er
aan te doen?
Een
maagdilatatie of -torsie is een spoedgeval! U dient direct de (dienstdoende)
dierenarts te bellen en te melden dat u er aan komt met een mogelijke
maagtorsie. De dierenarts zal proberen de maag te sonderen door een slang te
laten inslikken, om de maag te kunnen legen en spoelen. Indien dit niet lukt
zal de druk via een punctie met een naald moeten afnemen. Indien er sprake is
van een torsie (wordt vastgesteld door middel van een röntgenfoto) zal de maag
vervolgens tijdens een buikoperatie teruggedraaid worden en aan de buikwand
vastgezet. De eventuele shock zal worden bestreden middels infusen, de
bewegelijkheid van de maag wordt met medicijnen gestimuleerd en mogelijk zullen
antibiotica en pijnstillers voorgeschreven worden.
Wat zijn
de vooruitzichten?
Afhankelijk
van de bevindingen vóór het ingrijpen door de dierenarts (is de hond al in
shock; is er sprake van een onregelmatige pols door hartschade?) en tijdens de
eventuele operatie (is de maagwand al afgestorven; zijn de vaten van de milt
nog levensvatbaar; blijkt het hart van de hond de narcose te kunnen verdragen?)
zal het dier deze acute aandoening wel of niet overleven. De kans op shock en
andere complicaties wordt snel groter naarmate de aandoening langer bestaat.
Ook de dagen na de acute aandoening zijn kritiek. Al heeft het dier de
dilatatie en het ingrijpen op zich overleeft, door de mogelijke schade aan de
maagwand en het hart, maar ook de lever en de nieren, kan het dier nog
levensbedreigende problemen krijgen. De rest van het hondenleven is het dier
gevoeliger geworden dan andere honden voor een herhaling van de maagdilatatie
of –torsie. De eerder beschreven preventieve maatregelen dienen dan ook
blijvend en consequent toegepast te worden. Indien bij een eerdere operatieve
ingreep de maag is vastgezet, is de kans op een dilatatie aanzienlijk kleiner
geworden, maar nooit geheel afwezig. Ook dan dient men alle preventieve
maatregelen te handhaven.
Prostaatproblemen
bij de hond
Meer dan
80% van de gecastreerde reuen, ouder dan 5 jaar, heeft een vorm van goedaardige
prostaatvergroting!
Hoe
worden prostaatproblemen veroorzaakt?
Net als
bij mannen, komt goedaardige prostaatvergroting bij gecastreerde reuen vaak
voor. Bij het ouder worden veranderd de hormoonhuishouding, waarbij de
verhouding tussen het mannelijk geslachtshormoon testosteron en de oestrogenen
veranderd. Het testosterongehalte speelt een belangrijke rol bij de
ontwikkeling van prostaatvergroting.
Goedaardige
prostaatvergroting kan voorkomen zonder de aanwezigheid van zichtbare klachten,
alhoewel het op termijn vaak tot problemen leidt.
Zo kan de
vergroting resulteren in cystenvorming, prostaatontsteking en/of druk op
organen en weefsels in de directe omgeving.
De meest
voorkomende symptomen bij honden met een goedaardige prostaatvergroting zijn
uitscheiding uit de urinebuis(helder of gemend met bloed/pus), bloed in de
urine en persdrang.
Daarnaast
kunnen ongemak en pijn, koorts en gebrek aan eetlust waargenomen worden. Dit
alles is afhankelijk van de ernst van de vergroting en het eventueel aanwezig
zijn van aanvullende problemen.
Is uw
hond niet gecastreerd, ouder dan 5 jaar en heeft u één of meer van de
onderstaande veranderingen opgemerkt? Dat kan kan het zijn dat uw hond
prostaatproblemen heeft. Neem direct contact met ons op!
Uitscheiding uit de
plasbuis ( helder/bloederig/pus )
Bloed in de urine
Persdrang houden, zonder enige ontlasting
Platte ontlasting
Buikpijn
Moeilijker lopen ( zwakke
achterpoten )
Wijdbeens lopen
Koorts
Gebrek aan eetlust
Futloos
Het is
beter om 1 tot 2 keer per jaar de prostaat van uw hond door de dierenarts uit
voorzorg te laten controleren. Dit kan bijvoorbeeld tijdens de jaarlijkse
gezondheidscontrole, waarvoor u van ons automatisch een oproep krijgt
toegestuurd.
Goedaardige
prostaatvergroting kan tot complicaties leiden, zoals:
Prostaatcysten ( met
vocht gevulde holtes
)
Prostatitis (
prostaatontsteking )
Prostaatabces
Hernia perinealis ( een
breuk in een spier, die steun geeft aan de zijkant van de endeldarm )
Urineweginfectie
Wij maken
gebruik van verschillende onderzoeksmethoden, zoals:
Rectaal onderzoek
Röntgenologie
Doorverwijzing voor een
echografisch onderzoek
Afhankelijk
van de gestelde diagnose zullen wij een therapie instellen.
Diarree
bij de hond.
Als de
ontlasting van de hond te dun of breiïg is dan spreek je van diarree.
Normale
ontlasting of diarree?
Een hond
heeft normaal 1 of 2 keer per dag goedgevormde, stevige ontlasting. Als je hond
dunne of breiïge ontlasting heeft in plaats van goed gevormde ontlasting spreek
je van diarree.
Oorzaken
van acute diarree
Er zijn
diverse oorzaken voor het ontstaan van diarree. We zullen de meest voorkomende
oorzaken van diarree op een rijtje zetten en bespreken:
- Voerverandering
of een niet goed verteerbaar voer.
-
Virus-infecties: coronavirus, parvovirus.
-
Spoelwormen.
-
Ziekteverwekker zoals giardia.
- Voedingsallergie
of voedselovergevoeligheid
De meest
voorkomende oorzaak is een verandering van voer. De darmen hebben zich
ingesteld op een bepaalde voersoort en als er plotselinge veranderingen hierin
komen kan er diarree ontstaan.
Voer als
oorzaak van diarree.
Een
kwalitatief goed voer is belangrijk voor de hond. Vaak is de prijs een
doorslaggevend argument in de keuze van een voer. Helaas wordt er dan niet op
de kwaliteit van het voer gelet. Nu is lang niet elke hond even gevoelig voor
een kwalitatief minder goed voer. Of een voer al dan niet geschikt is voor je
hond is makkelijk te bepalen: als je hond meer dan 2x per dag slecht gevormde
ontlasting heeft en daarbij nog vieze scheten laat dan is dat voer niet
geschikt voor je hond.
Een
kwalitatief goed voer zoals Hill's of Royal Canin is duurder dan een doorsnee
"supermarkt" voer. Dit prijsverschil zit hem in een aantal zaken. Ten
eerste is de kwaliteit van de gebruikte eiwitten en de verteerbaarheid van het
voer veel hoger dan die van een goedkoper voer. Deze betere verteerbaarheid uit
zich in minder vaak poepen en ontlasting die goed gevormd is. Ook de vacht
glanst meer en de typische hondenlucht wordt minder. Ten tweede kan door het
gebruik van vaste leveranciers een constante hoge kwaliteit gegarandeerd
worden. Bij goedkopere voeren wisselt de eiwitbron per charge. Dat houdt in dat
de samenstelling van het voer per zak kan verschillen. Hierdoor kan diarree
ontstaan als er een nieuwe zak hondenvoer aangebroken wordt.
Ook het
abrupt wisselen van voeren onderling kan overgeven en diarree tot gevolg
hebben. Het is daarom verstandig om een verandering van voer altijd geleidelijk
door te voeren.
Tot slot
heb je niet altijd controle over wat je hond allemaal binnenkrijgt. Honden
lopen tijdens het uitlaten de kans om iets op te eten wat slecht kan vallen.
Ook als gevolg van deze onbedoelde tussendoortjes kunnen diarree en overgeven
ontstaan.
Therapie
bij diarree door voerverandering
Door een
licht verteerbaar voer (bijv sensitivity van Royal Canin) in kleine
hoeveelheden te geven kunnen de darmen tot rust komen. Daarbij geven we een
middel dat een beschermlaag over de maag en darmen legt en indien nodig remmen
we het overgeven met medicijnen.
Diarree
ten gevolge van een virus
Zoals
hierboven beschreven is een voerverandering of iets verkeerd eten de meest
voorkomende oorzaak van acute diarree. Een tweede, veel voorkomende oorzaak van
diarree vormt de virale enteritis. Als gevolg van een besmetting met een virus
kunnen diarree en braken optreden. Als een virus de oorzaak is van diarree
blijft dit meestal niet beperkt tot 1 hond. Vaak is het zo besmettelijk dat
honden elkaar aansteken en er meerdere honden tegelijkertijd diarree hebben:
"het heerst". We zien in de praktijk dat er vaak meerdere honden met
diarree in dezelfde periode langskomen.
Bij een
diarree van virale oorsprong is de lichaamstemperatuur vaak verhoogd, bij deze
honden is de temperatuur vaak boven de 39,5!. Normaal ligt deze tussen de 38-39
graden celcius (rectaal gemeten). Door deze hoge temperatuur zijn de honden
vaak slomer en de diarree gaat ook vaak gepaard met overgeven. Het overgeefsel
en de diarree kunnen in heftige gevallen bloederig zijn.
Er zijn
een aantal virussen die diarree kunnen veroorzaken. De meest voorkomende is het
coronavirus. Dit geeft vrij milde klachten die bestaan uit braken en diarree,
meestal zonder bloedbijmenging. Het gevreesde parvovirus, waar volwassen honden
maar vooral puppy's aan dood kunnen gaan, komt gelukkig steeds minder voor. Het
parvovirus wordt steeds meer uitgebannen door het goed vaccineren van de honden
in Nederland. Puppy's met Parvo (vooral pups zijn gevoelig) worden nu nog
vooral gezien bij fokkers in Belgie, Brabant en in het Oosten van het
Nederland. Een goede hygiene is het allerbelangrijkste om een Parvobesmetting
bij een fokker te voorkomen.
Therapie
bij een virale diarree
Door een
licht-verteerbaar voer in kleine hoeveelheden te geven kunnen maag en darmen
tot rust komen. Daarbij geven we een middel dat een beschermlaag over de maag
en darmen legt en indien nodig remmen we het overgeven met medicijnen. Indien
de hond in heel slechte toestand is wordt er een intraveneus infuus aangelegd.
De hond wordt zo slecht omdat het uitgedroogd raakt door het vele vochtverlies
en het niet opnemen van vocht en voedingsstoffen.
Wormen en
diarree
Wormen
zoals spoelwormen en lintwormen kunnen ook diarree
veroorzaken. Daarnaast kunnen deze wormen ook besmettelijk zijn voor mensen,
waarbij er met name voor hele jonge kinderen en zwangere vrouwen een toegenomen
risico bestaat. Daarom is het van belang om uw hond meerdere keren per jaar te
ontwormen.
Pups
kunnen reeds in de baarmoeder besmet raken met wormen. Ook via de moedermelk
kunnen de pups besmet raken. Het is dan ook niet verwonderlijk dat zo'n 90-95%
van de puppy's vlak na de geboorte al besmet is met wormen. Omdat een
worminfectie de ontwikkeling van een pup nadelig kan beïnvloeden is het van
belang puppy's goed te ontwormen. Over het algemeen hebben volwassen honden,
afgezien van diarree, zelf weinig last van een worminfectie. Zij vormen echter
wel een besmettingsbron voor andere dieren en, belangrijker, voor uzelf en uw
kinderen. Daarom raden wij aan ook de volwassen honden 2x per jaar te
ontwormen. Wij hanteren hiervoor het volgende schema:
De pup
wordt ontwormd met:
- 2 weken
- 4 weken
- 6 weken
- 8 weken
- 4
maanden
- daarna
4x per jaar blijven behandelen.
Diarree
door Giardia
Een
oorzaak die vaak over het hoofd gezien wordt is diarree ten gevolge van
Giardia. Giardia is een flagellaat en bestaat uit een meercellig organisme. 20%
van de diarree bij honden wordt veroorzaakt door giardia. Vooral honden die bij
een hondenfokker wonen of vandaan komen of die in een asiel of pension
verblijven kunnen gemakkelijk met Giardia besmet raken. Jonge honden en honden
met een verminderde weerstand, bijvoorbeeld als gevolg ziekte, lopen eerder diarree
door giardia op dan gezonde volwassen honden. Denk hier aan als u een jong
hondje opgehaald heeft die diarree heeft en als dit blijft aanhouden ondanks
voer veranderingen en
medicijnen.
Diarree
als gevolg van giardia is vaak brijig en er kan slijm of bloed bij zitten. Over
het algemeen zijn de besmette honden misselijk en geven ze makkelijk over.
Omdat hier niet in eerste instantie aan gedacht wordt is er vaak sprake van een
langdurige of chronische diarree voordat de juiste diagnose gesteld wordt.
Diagnose
Met
behulp van een sneltest, die we in onze dierenkliniek kunnen uitvoeren, kan
direct en met zekerheid een besmetting met giardia worden aangetoond.
Met de
Idexx Giardia Snaptest kunnen we eenvoudig, snel en betrouwbaar de juiste
diagnose stellen. Omdat giardia zich niet altijd laat zien in de ontlasting
vragen wij dan ook om van 3 achtereenvolgende dagen wat ontlasting op te vangen
en langs te brengen.
Op de
foto is een positieve Giardia snaptest te zien. De stip waar de rode pijl op
wijst geeft aan dat de Giardia snaptest positief is.
Therapie
bij diarree ten gevolge van Giardia
Op de
praktijk houden wij een speciaal giardia-protocol aan.
Voedingsovergevoeligheid
Honden
kunnen allergisch zijn voor voedselbestanddelen. In het maag en darmslijmvlies
komen dan teveel lymfoide bloedcellen en hierdoor wordt de darmwerking slecht.
Honden gaan dan overgeven en/of hebben diarree. We zien dikwijls honden met
maagdarmklachten, die ook een pijnlijke buik hebben en een borrelende buik.
Deze honden zijn vaak stil en teruggetrokken. De diagnose is niet met zekerheid
te stellen, maar kan aangetoond worden door het oplossen van het probleem door het
geven van een speciaal dieetvoer. Dit dieetvoer moet gedurende minimaal 8 weken
gegeven worden en indien de klachten weg zijn dan is de diagnose
voedingsallergie vastgesteld.