023-5277666 | Contact

Aandoeningen van het konijn:

 

Myxomatose bij het konijn

Besmettelijke snot

Konijnensyfillis

Oormijt

Maden

Verstopping

E.Cuniculi

 

Myxomatose bij het konijn

 

Wat is myxomatose en wat zie ik aan een konijn?

Myxomatose is een ernstige virusinfectie bij konijnen. Het geeft zwellingen rond de ogen, op de snuit, rug, rond de anus en geslachtsopeningen. Binnen een paar dagen kunnen deze zwellingen groter en vochtiger worden, het konijn wordt erg ziek en kan blind worden door de zwelling rond de ogen. Myxomatose is erg moeilijk te genezen en zal bij het merendeel van de konijnen tot sterfte leiden. In het wild overleeft slechts 5-10%.

 

Hoe wordt myxomatose overgebracht? 

Myxomatose wordt veroorzaakt door een virus; het myxomavirus. Deze behoort tot de pokkenvirussen. Het wordt voornamelijk verspreid door stekende insecten, zoals muggen, vliegen en vlooien. Ook door direct contact met besmette dieren of materialen kan de ziekte verspreid worden. De tijd tussen besmetting en het verschijnen van ziekteverschijnselen is een 2 tot 14 dagen (incubatietijd)

 

Wat kan ik doen om het te voorkomen?

Een manier om myxomatose te voorkomen is om het konijn te vaccineren. Vanwege de korte werkingsduur van het vaccin, is het aan te raden 2x per jaar te vaccineren, in het voor- en najaar. Het duurt ongeveer een week voordat de bescherming op treedt. De eerste vaccinatie kan al op 1 maand leeftijd gegeven worden, echter bij dwergkonijnen mag het pas vanaf 3 maanden. Soms ontstaat er een zwelling op de plak van de vaccinatie, dit is een reactie op de vloeistof en trekt vanzelf weer weg. Wij vaccineren naast myxomatose ook tegen VHS, een andere dodelijke ziekte bij konijnen.

Wanneer moet ik vaccineren tegen myxomatose?

De vaccinaties geven we op speciale konijnenvaccinatie-dagen. Dit doen we omdat we een verpakking voor 10 konijnen binnen 2 uur moeten opmaken. Door 10 afspraken in 2 uur te plannen, is het voor ons dus mogelijk om de vaccinatie tijdens deze dagen een heel

 

 

 

 

Besmettelijke Snot

 

Snot is een luchtwegaandoening kan veroorzaakt worden door een Pasteurella-bacterie (maar heeft meer veroorzakers).

Deze ziekte gaat gepaard met pussige uitvloei uit de neus, niezen en vieze plakkerige en vlekkerige voorpootjes van het ‘ afvegen’ van de neus. Al dan niet gepaard gaande met koorts en/of benauwd zijn.

De behandeling vergt vaak een lange adem en is meestal een langdurige kwestie.

Deze aandoening gaat niet vanzelf over. Het konijn zal een kuur antibiotica moeten krijgen.

 

Konijnensyfillis

 

Konijnensyfillis is een zeer besmettelijke ziekte die overgedragen kan worden tijdens het paren of ‘rijden’, door besmette bodembedekking of van voedster op jongen.

Symptomen: zwelling en roodheid rond de geslachtsopeningen, korsten en zwelling aan oogleden, lippen en snuit.

Deze aandoening is heel goed te behandelen. Het konijn moet apart gehouden worden en een goede hygiene (het hok vaker schoonmaken) is van groot belang om herbesmetting te voorkomen.

 

 

Oormijt

 

Net als honden en katten kunnen konijnen ook geplaagd worden door oormijt. Roodheid en korsten in de gehoorgang duiden doorgaans op oormijt. Het konijn heeft er last van en kan veelvuldig krabben in het oor of met de kop schudden.

De dierenarts kan met behulp van de oorkijker de oormijt in het oor zien bewegen en zo de diagnose vaststellen.

De behandeling bestaat uit een oorzalf en een behandeling tegen parasieten. Voordat de oorzalf aangebracht wordt moet eerst het trommelvlies gecontroleerd worden op eventuele beschadigingen.

Zalven als het trommelvlies beschadigd is kan de dood van het konijn tot gevolg hebben!!

 

 

Maden (ziekte)

 

Een ander woord voor madenziekte is myasis.

Deze ziekte/aandoening wordt veroorzaakt door (blauw-groene) vliegen.

De vliegen worden aangetrokken door bijvoorbeeld een vies konijnenachterwerk. Bij diarree of plakpoep of een vies hok zal de vlieg zijn eitjes leggen op die poep/verontreiniging. De eitjes komen uit en de larven die uit de eitjes komen kruipen in de vacht van het konijn en gaan zich voeden met de huid/vlees van het konijn.

Het konijn wordt dus levend opgegeten!

De praktijk leert dat het konijn vrij laat pas aangeeft dat het maden heeft en de vacht is zo dik dat het in eerste instantie niet zichtbaar is dat het konijn maden heeft.

Goed opletten dus! We zien deze maden vooral in het voorjaar en ’s zomers wanneer de konijnen weer op het gras mogen. Het jonge gras bevat veel eiwitten en kan gemakkelijk voor diarree of dunnere ontlasting zorgen.

Ook teveel biks voeren kan hiervoor zorgen: het te dikke konijn kan zijn eigen achterwerk niet schoonhouden omdat het er simpelweg niet meer bij kan vanwege zijn overgewicht. De ‘nacht-mest’ kan dus niet opgegeten worden en blijft dan plakken.

Dat dit een hele nare aandoening is die heel erg pijnlijk is moge duidelijk zijn…. Bij ernstig aangetaste dieren is euthanasie het enige humane.

 

Dus laat konijnen rustig wennen aan (jong) gras en voerveranderingen, houdt het hok goed schoon en het konijn op gewicht (zie ook voedings-advies)

Je kunt ook voor de zekerheid (bij veel vliegen) hor-gaas voor het hok spannen om de vliegen te weren.

 

 

 

 

 

 

 

 

E. cuniculi  of Encephalitozoon cuniculi bij het konijn.

 

Encephalitozoon cuniculi, Encephalitozoonose, Noozemose of E. cuniculi wordt deze ziekte ook wel genoemd.

 

We krijgen vaak patiënten met neurologische verschijnselen in onze praktijk aangeboden. Deze neurologische verschijnselen uiten zich als volgt: 

 

5 hoofdsymptomen:

 

1. hersenproblemen: oogproblemen, draainek of tollen om de lengteas.

2. achterhandsproblemen: slappe of verlamde achterpoten.

3. blaas of nierproblemen.

4. uveitis of oogproblemen.

5. afvallen zonder aanwijsbare oorzaak.

 

 Hersenproblemen bij het konijn:

-Draainek: torticollis of een scheve kop (= head tilt).

-tollen: rolneigingen om de lengteas van het konijn.

-Oogproblemen: nystagmus = het ritmisch heen en weer bewegen van
 de oogbol.

-hersenproblemen: epileptiforme aanvallen, zwaaibewegingen met het

 hoofd.

 

 

Problemen aan de achterpoten van het konijn:

-Parese posterior = trekken of slepen met een of beide achterpoten.

-Paralyse posterior = verlamming van de achterhand.

-Ataxie = ongecontroleerde bewegingen van de achterhand en

  omvallen.

 

 

Nierproblemen:

-Urinebrand. Door een blaasinnervatieprobleem lekt het konijn urine over

 de achterpoten en buikwand.

-PU/PD door nierschade = veel drinken en plassen.

 

Waarom geeft E. cuniculi neurologische verschijselen?

 

E. cuniculi tast zenuwcellen aan. Het nestelt zich in de hersenen, het evenwichtsorgaan en in het ruggemerg. Op deze manier geeft het afwijkingen aan de kop en de achterpoten. Ook tast het de nieren en de zenuwcellen in de blaas aan. Door de nierontsteking drinkt en plast het konijn veel en door de aantasting van de blaaszenuwen kan het konijn niet meer actief plassen en lekt het urine. Deze urine geeft een huidontsteking van de achterpoten en de onderbuik.

 

 

Besmetting met E. cuniculi

 

Besmetting kan plaatsvinden van het ene naar het andere konijn via de urine (= horizontaal) of via de baarmoeder van moeder naar kind (= verticaal). Infecties kunnen latent aanwezig blijven zonder klinische verschijnselen tot een moment waarop de weerstand minder is en er wel verschijnselen optreden.

 

Vaak horen we van eigenaren dat hun konijn af en toe met de poot trok (parese) of urine verlies had. Dit duurde een paar dagen en was daarna weer weg. Meestal kwam dit na een paar weken of maanden in ergere mate weer terug.

 

 

Bij welke leeftijd komt het voor?

We zien vaker oudere konijnen met deze ziekte dan jonge konijntjes. Soms zijn er ook wel stress momenten aan te wijzen waarna de ziekte zich openbaarde. Denk aan een operatie of na het doormaken van een andere ziekte.

 

Zoönose

Er wordt gesproken van een zoönose aangezien een infectie met E. cuniculi bij mensen kan voorkomen. Niet alle mensen zijn vatbaar voor deze ziekte. Een E.cuniculi infectie is alleen aangetoond bij mensen met AIDS waarbij de weerstand minder is.

 

 

Wat is E. cuniculi nu eigenlijk?

Encephalitozoon cuniculi is een protozoaire ziekte. Een protozoa is een heel klein organisme dat iets groter is dan een bacterie. Protozoen kun je niet met het blote oog zien en alleen aantonen met behulp van een microscoop.

Er zijn bloed- en urinetesten voor het konijn beschikbaar die antilichamen ten aanzien van deze protozoa kunnen aantonen. Er wordt gesproken van een antilichaamtiter in het bloed.

 

Welke konijnen zijn besmet?

We kunnen (door middel van bloed- en urineonderzoek aantonen) of er sprake is van een infectie met E. cuniculi bij konijnen met dit soort symptomen.

 

De behandeling van E. cuniculi

 

We nemen bloed af bij patiënten die verdacht zijn van encephalitozoonose en laten dit bloed onderzoeken op het voorkomen van antilichamen tegen E. cuniculi. Vervolgens gaan we deze patiënten behandelen met Panacur (= fenbendazol in een dosering van 20 mg/kg LG) en na 1 maand zullen we opnieuw bloed laten testen. Op die manier kun je zien of de behandeling niet alleen klinisch aanslaat (= het konijn wordt beter), maar ook of dit aan het aantal antilichamen in het bloed te zien is.

 

Hoe nemen we bloed af?

Voor het bloedonderzoek is serum nodig. We nemen bloed af met een hele dunne naald uit een bloedvat van de achterpoot, de vena saphena. Het konijn wordt in zijligging gelegd met een handdoek over het hoofd en de laterale zijde van de achterpoot wordt tussen de knie en de hak geschoren. De vene is goed te benaderen en er wordt 0,5 ml bloed afgenomen. Dit bloed wordt in een serumbuis gebracht en gecentrifugeerd.

 

 

Hoe behandelen we de ziekte E. cuniculi?

 

Afhankelijk van de verschijnselen gebruiken we de volgende medicijnen: Let op: de keuze voor het te gebruiken medicijn wordt bepaald door de symtomen die aanwezig zijn!

Fenbendazol = Panacur (= dit medicijn helpt het lichaam de protozoa bestrijden)

Dexamethason injecties gedurende 3 dagen (om reactie en zwelling af te remmen, ook zijn er onderzoeken die aantonen dat de werking van Panacur versterkt wordt in de eerste behandeldagen) 

Na 3 dagen gaan we metacam geven (= een pijnstiller en ontstekingsremmer) dit kan namelijk niet samen met dexamethason

Vitamine B injecties (om de zenuwcellen te laten herstellen)

Duplocilline of baytril (= antibiotica)

Carbachol (= als er een blaasverlamming aanwezig is)

Stille darm: indien het konijn niet eet of poept zullen we dit behandelen

 

 

NB: Er zijn bijna geen geregistreerde diergeneesmiddelen voor konijnen. De hierboven beschreven diergeneesmiddelen zijn geregistreerd voor het gebruik bij de hond of de kat.

 

Indien we als behandelend dierenarts denken dat er een diergeneeskundige noodzaak aanwezig is dan mogen we via de cascades behorend bij het Diergeneesmiddelenbesluit en de Diergeneesmiddelenregeling gebruik maken van de hierboven beschreven diergeneesmiddelen bij het konijn.

 

 

Verstopping bij het konijn

 

Wat is een verstopping?

 

Een verstopping ontstaat wanneer de darmbeweging te traag is en het voedsel te lang in de maag en darmen blijft. Het konijn heeft een vol gevoel en wil niet of nauwelijks meer eten. Hierdoor zullen de de darmen nog trager gaan werken, met als gevolg een complete stilligging.

Het konijn zal op zo’n moment vaak stoppen met eten en drinken.

 

Aangezien het lichaam vocht nodig blijft hebben, zal dit onttrokken worden aan het onverteerde voedsel wat nog in de maag aanwezig is.

Hierdoor droogt dit onverteerde voedsel nog meer uit en verandert het

in een massieve, stevige, vaste massa die niet in beweging te brengen is.

 

Let op: Wanneer in deze situatie niet vroegtijdig wordt ingegrepen, is het soms noodzakelijk om deze massa operatief te verwijderen.

 

Hoe wordt een verstopping veroorzaakt?

Een verstopping kan verschillende oorzaken hebben.

-Voeding:

 Over het algemeen wordt een verstopping veroorzaakt door een te

 traag werkend darmstelsel. De reden hiervan is meestal een tekort aan

 vezels in de voeding van het konijn.

-Gebitsproblemen:

 Wanneer een konijn last heeft van zijn gebit, zal hij/zij vaak minder gaan  

 eten, met als gevolg het trager werken van de darmen.

-Pijn:

 Pijn vanwege gebitsproblemen of andere oorzaken kan leiden tot stress,

 wat de darmbeweging direct doet vertragen.

-Haarballen:

 Wanneer de ruiperiode is aangebroken, kan het konijn zijn losse

  vachthaar oplikken. Dit kan tot gevolg hebben dat de haren vastlopen

  in de darmen.

 Behalve haar kunnen er nog andere redenen van stoornissen in het

 maagdarmstelsel zijn, zoals een gehele of gedeeltelijke blokkade door

 onbekend materiaal, zoals stukjes plastic of tapijt.

 

Symptomen van een verstopping:

 

Wanneer een konijn last heeft van een beginnende verstopping zullen er een aantal dingen merkbaar zijn:

-Het kleiner worden van de keutels

-Harde, uitgedroogde keutels ( een ketting van kleine keutels )

-Verminderde keutelproductie

-Verminderde eetlust/drinklust

 

Waneer een konijn last heeft van een volledige verstopping zullen er een aantal dingen merkbaar zijn:

-Geen keutelproductie

-Harde, pijnlijke buik

-Totaal niet meer willen eten/drinken

 

Wanneer u uw konijn verdenkt van een beginnende/volledige verstopping moet u zo snel mogelijk contact opnemen met een dierenarts! Als een konijn 24 uur of langer niet eet, zullen de darmen stil komen te liggen en kan het konijn binnen korte tijd sterven!

 

De behandeling bij een verstopping:

 

-Dwangvoeren: Wanneer uw konijn zelf niet meer wil eten is het raadzaam

 om uw konijn te dwangvoeren. Hiervoor gebruiken wij een zgn

 “dwangvoer”. Dit is een energierijk poeder wat aangemengd wordt met

 water, tot een papje en in de bek gespoten. Voor meer info over

 dwangvoer zie elders op de site.

-Medicatie: De darmwerking moet weer op gang gebracht worden en

 hiervoor geven we een combinatie van Cisaral Drops® en Primperan

 Drank® en pijnstilling.

 De eerstgenoemde middelen stimuleren de maaglediging en passage

 naar de darmen, waardoor de darmen steviger gaan bewegen en de

 blokkade meegevoerd wordt. Dit wordt oraal toegediend.

-Probiotica: Een probioticum bevat goede darmbacteriën, wat de

 verstoorde balans in de darmen kan opheffen. Hiervoor gebruiken wij: Pro

 Soluble for all animals®. Het probioticum wordt aangelengd met water

 maar mag ook aan het dwangvoer worden toegevoegd.

-Eventueel kan er een laxeermiddel worden meegegeven.

 Alhoewel het nut ervan niet wetenschappelijk is bewezen wordt er ook

 wel ananassap (vers) gegeven bij verstopping t.g.v. haarballen.

 

Nazorg van het konijn met een verstopping:

 

 

Wanneer het konijn weer goede ontlasting heeft; grote keutels, talrijk, rond van vorm, niet uitgedroogd en het dier heeft een uitstekende eetlust/drinklust, dan is het gevaar van een verstopping voorbij !

-Nu kan er gestopt worden met alle medicatie.

 

De kans op een verstopping wordt een stuk kleiner als het dier veel vezels aangeboden krijgt. Dit betekend  groenvoer en veel hooi, zo min mogelijk droogvoer en dagelijks volop vers water. Vezels en vocht zorgen voor een optimale darmwerking.

-Veel lichaamsbeweging stimuleert de darmbeweging.

-Tijdens de ruiperioden moet er veel geborsteld of geplukt worden, zodat  

 het konijn zo min mogelijk haar oplikt.

 

 

Worminfectie

 

Net als bij de kat en hond kan het konijn ook besmet worden met wormen. Alhoewel het niet heel vaak voorkomt kunnen wormen de oorzaak zijn van o.a:

doffe vacht

vermageren

afwijkende ontlasting (slijmerig of juist droog en niet mooi rond van vorm)

Aan de hand van ontlastingsonderzoek kunnen wormeitjes met de microscoop worden waargenomen. Worminfecties zijn goed te bestrijden.

Wormeitjes bij een konijn.

 

 

MOCHT U NOG VRAGEN HEBBEN, NEEM DAN CONTACT MET ONS OP!

 

 

 

 

Ontwerp: Ziener Vormgeving & Communicatie
Powered by InterWord